Hans Vogels; “Het lijkt me heel leuk om zelf met klei aan de gang te gaan”.

 in Keramieknieuws

Hans Vogels: scheidend keramiekconservator Museum Gouda


Plateel ‘was iets van vroeger’, er werd nog niet veel aan gedaan toen Hans Vogels in 1981 als conservator aan de slag ging in wat nu Museum Gouda heet. Hij heeft de interesse zien groeien en meegewerkt aan het in kaart brengen van de geschiedenis van dit ‘erfgoed. We hadden veel, maar we wisten niet veel.’ En al zijn de tijden zijn voorbij dat een plateelexpositie in het Gouds Museum 25-duizend bezoekers in drie maanden trekt (1994, over de plateelbakkerij Zuid-Holland), de permanente plateelverzameling (en de collectie van zo’n 5-duizend stuks) is niet meer weg te denken uit het museum.

De museale interesse voor plateel en de geboorte van het Pottenbakkersfestival, zoals de Goudse Keramiekdagen aanvankelijk heetten, liggen beiden in de jaren zeventig. In die beginjaren was er ook samenwerking: de keramisten die op de markt stonden, leverden 2 tot 3 stukken in waarmee het museum een expositie inrichtte. Tegenwoordig maken (de meeste) deelnemers één stuk naar het jaarthema (in 2018 Contrast) en die zijn beide marktdagen te zien én te beoordelen op de expositie in de Burgerhal onder het Stadhuys.

Goudse Keramiekdagen

Met Hemelvaart is hij zeker te vinden op de Goudse Keramiekdagen. ‘Een Leuke markt, waar je voor een bescheiden kleine prijs prachtig werk kunt kopen.” Hij prijst het enthousiasme van deelnemers en bezoekers en noemt de keramiekmarkt ‘belangrijk voor de stad’.
Het museum lift tijdens de Goudse Keramiek Dagen steevast mee door mee te doen aan de Keramiek Route. Er zijn rondleidingen langs de permanente collectie in de Catharinazaal en er is nu ook de expositie ‘Fifties in Gouds sieraardewerk’’. Daarop is tot en met 3 juni te zien hoe de plateelfabrieken Tiko en Jumbo de modieuze trends van de jaren vijftig verwerkten in hun keramiek. Echte keramiekliefhebbers moeten zeker in de zomer nog een keer terugkomen: tussen half juni en eind september laat het museum werk zien van de extra leerjaren aan de SBB, die sinds dit jaar door het leven gaat als Nederlandse Keramiekopleiding.

Plateelkeuring

Een jaar of tien, twaalf was Vogels op Hemelvaartsdag te vinden in de museumtuin, om samen met andere experts door bezoekers meegebracht plateel te keuren. Daar is hij na 2016 mee gestopt ‘de belangstelling werd minder’. Dat merkt hij ook in het museum. De (vaak oudere) verzamelaars van keramiek vallen weg, verzamelingen vallen uit elkaar. Daarnaast is ook het museum kritischer geworden in wat ze aanneemt. Bovendien is de collectie behoorlijk compleet wat betreft alle perioden, fabrieken en stromingen die er toe doen in de Goudse plateelindustrie. Wat in 1900 begon met gedecoreerd aardewerk, gebaseerd op de Jugendstil, was in de jaren twintig en dertig een van de belangrijkste bedrijfstakken in de stad, goed voor veel werkgelegenheid.

Bedrijf versus kunst

Plateelbakkerij Zuid-Holland, Regina, Zenith, Flora, Vogels strooit met namen alsof het snoepjes zijn. Hij vertelt over de crisis in de jaren dertig in het aardewerk; over de techniek: veel wat in de jaren twintig kon, is nu niet meer na te maken; en over hoe plakplaatjes na de Tweede Wereldoorlog de plateelschilders verdrongen. 

Hij heeft zich in die 37 jaar tussen keramiek en aardewerk ontwikkeld tot een expert waar je niet omheen kunt. Vanaf de jaren negentig was internet daarbij een belangrijk hulpmiddel ‘daar kreeg je inzicht in het prijsopbouw’. Want zoal de oud-directeur van Zenith Dirk van der Want het al zei: “Jullie kijken met een kunstbril, maar voor ons was het gewoon een bedrijf.”

Pensioen
En nu is zijn pensioen aanstaande. “Ik heb het ook nooit alleen gedaan, dus dat komt goed’, antwoordt hij op de vraag hoe het plateel in het museum verder kan zonder hem. En al weet hij nog niet wat hij daarna gaat doen, hij zou zomaar kunnen overstappen naar de kant van de makers: “Het lijkt me heel leuk om zelf met klei aan de gang te gaan.” Hij ziet ook weer meer interesse ontstaan in plateel, na een dipje in de jaren negentig en begin 2000. De permanente presentatie en rondleidingen zijn goed bezocht en nog vorig jaar had het museum een mooie presentatie van gezamenlijk werk van keramiste Ellen Pattenier en schilder Jan van Lokhorst. Toch denkt Vogels niet dat de interesse terugkeert na het oude niveau van de 25-duizend bezoekers voor een keramiektentoonstelling. Maar verdwijnen zal de aandacht nooit: “Keramiek is en blijft iets heel moois, en zo oud als de mensheid.”

Recent Posts

Typ en druk op enter om te zoeken!

SBB Award Winnaar Jan van de Wetering